God de mens

God heeft de mens immers geschapen voor de eeuwigheid, als afspiegeling van zijn eigen wezen. (Wijsheid 2:23) Verwijst naar (Genesis 1:26-27)

De Heer heeft de mens uit de aarde geschapen en doet hem naar haar terugkeren. Hij schonk de mensen een afgemeten aantal dagen, maar ook macht over alles wat er op aarde is. Hij heeft hen toegerust met zijn eigen kracht en hen naar zijn eigen beeld gemaakt. Alles wat leeft heeft hij ontzag voor de mens gegeven., opdat deze zou heersen over dieren en vogels. (Sirach 17:1-4)

Toen maakte JHWH, God de mens, de mens. Hij vormde hem uit stof, uit aarde, en blies hem levensadem in de neus. Zo werd de mens een levend wezen.

Blies hem levensadem in de neus-Het leemmodel van de mens wordt tot een levend weze door het inblazen van de ‘adem'(nesjama), die in het Hebreeuws ook vaak wordt gegeven met het woord roeach (‘geest’, ‘wind’, ‘adem’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *