De schepping dieren

Genesis 1:20-23 En God zei: “Ik wil dat het water vol zit met dieren en dat er in de lucht boven de aarde vogels vliegen.”  Toen maakte God de grote en kleine zeedieren. Het water krioelde ervan. Hij maakte alle dieren verschillend, allemaal verschillende soorten. Ook maakte Hij allerlei vogels, allemaal verschillende soorten. En God zag dat het goed was.  God zegende al die dieren en zei: “Krijg veel jongen, zodat er heel veel van jullie komen. De zee moet vol worden met zeedieren en de aarde moet vol worden met vogels.”  Toen werd het avond en weer ochtend: de vijfde dag was voorbij.

Scheppingsdagen

TWEEDE DAG: Lucht en water (verdeling van de watermassa)

En God zei: “Ik wil dat al het water zich in tweeën verdeelt.”  Toen verdeelde het water zich in water boven in de lucht en water beneden op de aarde. Zo gebeurde wat Hij zei. Het bovenste deel noemde Hij ‘hemel.’ Toen werd het avond en weer ochtend: de tweede dag was voorbij. (Genesis 1:6-8)

Het laat de watermassa uit elkaar gaan bracht een scheiding aan tussen de zee en de nevels lucht.

DERDE DAG: Land en zee (samenstroming van water); begroeing

En God zei: “Ik wil dat het water beneden op de aarde naar één plek stroomt, zodat er ook droge grond tevoorschijn komt.” Wat Hij zei, gebeurde.

De droge grond noemde Hij ‘aarde’ en het samengestroomde water noemde Hij ‘zee.’ En God zag dat het goed was.

 En God zei: “Ik wil dat er uit de aarde gras en allerlei planten en bomen ontstaan. Planten die zaden maken en bomen waar vruchten aan groeien. Alle soorten bomen moeten hun eigen soort vruchten krijgen met zaad er in.” Wat Hij zei, gebeurde.  Er begon gras op de aarde te groeien en er ontstonden allerlei planten. Elke soort had zijn eigen soort zaad. En de bomen hadden allemaal hun eigen soort vruchten met zaad er in. En God zag dat het goed was. Toen werd het avond en weer ochtend: de derde dag was voorbij.

(Genesis 1:9-13)

VIERDE DAG: Zon, maan en sterren (om de dag en de nacht aan te geven en om de seizoenen, dagen en jaren aan te geven.

 En God zei: “Ik wil dat er lichten aan de hemel komen. Die zullen verschil maken tussen de dag en de nacht. En ze zullen aanwijzingen zijn voor de mensen. Ook zullen ze zorgen voor seizoenen, dagen en jaren.  De lichten moeten aan de hemel staan en licht geven op de aarde.” Wat Hij zei, gebeurde. God maakte de twee grote lichten. Het grote licht moest overdag schijnen, het kleine licht ’s nachts. Ook maakte Hij de sterren. God zette de lichten aan de hemel om licht te geven op de aarde.  Ze moesten verschil maken tussen de dag en de nacht, en tussen licht en donker. En God zag dat het goed was.  Toen werd het avond en weer ochtend: de vierde dag was voorbij. (Genesis 1:14-19)

De schepping/wereld

De eerste dag: Toen zei God: Er moet licht komen. En er kwam licht. De aarde was woest en leeg. Op de tweede en derde dag gaf God vorm aan het heelal. De andere drie dagen vulde God de aarde met levende wezens. Het licht dat op de eerste dag werd gemaakt verdreef het donker/duisternis.

Het Beeld van de Geest van God zweefde over de watermassa lijkt op een vogel, die zijn jongen beschermt en verzorgt. De Geest van God was actief betrokken bij de schepping van de wereld. God blijft actief in zijn zorg en bescherming.

De machtige God heeft ons gemaakt, zijn adem houdt ons in leven. Job 33:4/De Geest van God heeft ons namelijk gemaakt en de adem van de Almachtige geeft ons leven.

Schepping/heelal

DE SCHEPPING/HET HEELAL

In het begin maakte God de hemel en de aarde. Tekst: (Genesis 1:1). God heeft de hemel en de aarde gemaakt. Is met onze beperkte verstand niet te begrijpen. Dat het heelal gewoon is ontstond of evolueerde vraagt meer geloof van mensen. God heeft de prachtige heelal geschapen.

Het verhaal van de schepping leert ons zelf veel  en over God. We leren over God dat Hij de scheppende kracht is. God is eeuwig en houdt de wereld in Zijn hand. Er wordt door sommigen vertelt dat het heelal is ontstaan na een plotselinge explosie. God heeft zette alles in beweging. De rest heeft zich ontwikkeld in miljoenen jaren. Elke oude godsdienst kent zijn eigen scheppingsverhaal. De wetenschapper heeft een eigen mening over het ontstaan van het heelal. We kunnen niet alle antwoorden vinden op de vraag hoe God de wereld heeft geschapen. Alleen de Bijbel kan ons over het scheppingsverhaal vertellen.

De schepping

DE SCHEPPING

Vele mensen weten niet hoe de aarde is ontstaan. Ze geloven in de verhalen van wetenschappers en de evolutieleer. Geloven ook niet in een God.

We kunnen ons wel eens afvragen hoe onze wereld is ontstaan. Hier is het antwoord voor de mensen die het niet weten. God schiep de aarde met alles erop en eraan. Hij maakte de mens als een beeld van Zichzelf. Wij kunnen het niet begrijpen hoe God het gedaan heeft. Het is wel duidelijk dat God alle leven heeft geschapen. Waarom? Omdat wij alle mensen het levensadem hebben ontvangen. We ademen in en we ademen uit. Dit laat ons zien dat God niet alleen gezag over de mensheid heeft, maar juist ook zijn grote liefde voor alle mensen.