God heeft de aarde gemaakt

U/God heeft de aarde stevig vastgezet, zodat ze nooit meer wankelt. (Psalm 104:5)De aarde werd door Hem/God vast neergezet, zij zal niet omvallen.

De aarde is gebouwd op Gods fundamenten. Buiten God kan niemand haar verzetten. Ook al zullen op een dag de hemelen en de aarde vernietigd worden( 2 Petrus 3:10- Maar de dag van de Heer zal net zo onverwachts komen als een dief in de nacht. Op die dag zal de hemel dreunend verdwijnen. Alles waaruit de aarde bestaat en alles wat op aarde is gedaan, zal verbranden., dan zal Hij/God een nieuwe hemel en een nieuwe aarde maken, die eeuwig zullen bestaan(Jesaja 65:17- De Heer zegt: “Want let op, Ik maak een nieuwe hemel  Met deze hemel wordt niet de woonplaats van God bedoeld, maar de ‘hemel’ die wij boven ons zien. en een nieuwe aarde. Alles wat vroeger gebeurd is, zal vergeten zijn. Niemand zal er nog aan denken; Openbaring 21:1 – En ik zag een nieuwe hemel  Met deze ‘hemel’ bedoelt Johannes niet de woonplaats van God, maar de hemel zoals wij die boven ons zien. De hemel die de woonplaats van God is, is eeuwig. Die wordt niet vernietigd en vervangen door een andere. en een nieuwe aarde. Want de eerste hemel en de eerste aarde bestonden niet meer. En de zee  Waarschijnlijk wordt hier met de ‘zee’ de ‘volkerenzee’ bedoeld: de volken die tekeer gaan tegen God en zijn Gezalfde (lees Psalmen 2). Ook is mogelijk dat met de zee het kwaad wordt bedoeld. In het Oude Testament is de zee vaak ook het symbool van het kwaad. was er niet meer. Dezelfde kracht die de wereld bijeenhoudt, vormt ook een stevig fundament voor gelovigen.

De zorg voor de hele aarde

Psalm 8:7-U hebt hem zelf het beheer gegeven over alles wat U hebt gemaakt, alles staat onder zijn gezag: Hij mag van U heersen over alles wat U heeft gemaakt. U laat hem over alles heersen:

God gaf de mens enorm veel gezag en de zorg voor de hele aarde. Bij veel gezag hoort ook veel verantwoordelijkheid. Als wij een huisdier hebben, mogen wij ermee doen wat wij willen, maar dragen wij wel de verantwoording het te voeden en te verzorgen. Hoe behandel jij Gods schepping?

Psalm 8:8-alle schapen en runderen en andere dieren in het veld. de schapen en koeien, de wilde dieren. (Genesis 1:26)n God zei: “Laten We mensen maken, mensen die op Ons lijken. Ze zullen heel erg op Ons lijken. Ze moeten zorgen voor de vissen in de zee, de vogels in de lucht, het vee, de kruipende dieren en voor de hele aarde.

Uitgestrektheid van de Schepping

Als ik zie hoe mooi de sterrenhemel is, als ik kijk hoe prachtig U de maan en de sterren heeft gemaakt, dan vraag ik mij af: Hoe kan het dat U aan de mens denkt? Hoe kan het dat U Zich met hem bezighoudt? U heeft hem een iets lagere plaats gegeven dan de engelen. (Psalm 8:4-6)

Wanneer we kijken naar de enorme uitgestrektheid van de schepping, vragen we ons af hoe God Zich kan interesseren voor mensen die Hem voortdurend teleurstellen. Toch heeft God ons een plaats vlak onder zichzelf en de engelen gegeven. Als jij je weer eens afvraagt hoeveel je waard bent, bedenk dank dat God jou heel waardevol vindt. Wij zijn van grote waarde omdat wij het beeld van de Schepper dragen. Omdat God reeds heeft verklaard hoe waardevol wij voor Hem zijn, kunnen wij bevrijd worden van gevoelens van waardeloosheid.

Planten en dieren

Voortaan mogen jullie alles eten. Niet langer alleen de planten, maar ook de dieren.(Genesis 9:3)Alles wat leeft en beweegt zal jullie tot voedsel dienen; dit alles geef ik je, zoals ik je ook de planten heb gegeven.

ZAL JULLIE TOT VOEDSEL DIENEN (Genesis 9:3) De wereld na de vloed is anders dan de oorspronkelijke schepping. De vrede tussen mens en dier en tussen dieren onderling is verdwenen en keert pas terug in de visioenen van de eindtijd.

Luister goed: Ik eis het leven van iedereen die iemand doodt. Hij moet met zijn eigen leven betalen. Dieren die een mens doden moeten met hun eigen leven betalen en mensen die een mens doden moeten met hun eigen leven betalen.  Iedereen die een mens doodt, zal daarvoor met zijn eigen leven moeten betalen. Hij moet worden gedood. Want hij heeft iemand gedood die op Mij lijkt.(Genesis 9:5-6).

Het moord is verboden betekent dat God van iedereen zal eisen dat hij betaalt voor zijn of haar daden. We kunnen geen mensen doden of kwaad doen zonder dat God daarop antwoordt. Er zal een straf voor moeten worden betaald. Er zal gerechtigheid zijn. (Genesis 9:5)

God legt hieruit waarom moorden zo verkeerd is: als je iemand vermoordt, dood je iemand die op God lijkt. Omdat alle mensen naar Gods beeld gemaakt zijn, hebben ze ook allemaal de eigenschappen die hen van de dieren onderscheidt: moreel besef, verstand, creativiteit en eigenwaarde. Als we contact hebben met andere mensen, hebben we contact met wezens die door God gemaakt zijn en aan wie God het eeuwige leven aanbiedt. God wil dat we zijn beeld herkennen in alle mensen.

Bomen en vruchten

 Jullie mogen eten van alle planten, bomen en vruchten. (Genesis 1:29) De planten worden naar twee soorten onderscheiden(Genesis 1:11, 12 en als voedsel gegeven aan mens en dier.) En God zei: “Ik wil dat er uit de aarde gras en allerlei planten en bomen ontstaan. Planten die zaden maken en bomen waar vruchten aan groeien. Alle soorten bomen moeten hun eigen soort vruchten krijgen met zaad er in.” Wat Hij zei, gebeurde.  Er begon gras op de aarde te groeien en er ontstonden allerlei planten. Elke soort had zijn eigen soort zaad. En de bomen hadden allemaal hun eigen soort vruchten met zaad er in.

(Genesis 9:1-7)Mens en dier eten vegetarisch en dus kent de schepping vrede, en nog geen bloedvergieten.  God zegende Noach en zijn zonen en zei tegen hen: “Zorg dat jullie kinderen krijgen, zodat er heel veel mensen op aarde zullen komen. Ga over de hele aarde wonen.  En de dieren op het land, de vogels in de lucht en de vissen in de zee zullen opschrikken als ze jullie zien. Ze zijn voor jullie.  Voortaan mogen jullie alles eten. Niet langer alleen de planten, maar ook de dieren.  Jullie mogen alleen geen vlees eten waar het bloed nog in zit. Want in het bloed zit het leven.  Luister goed: Ik eis het leven van iedereen die iemand doodt. Hij moet met zijn eigen leven betalen. (Ook het bloed van een mens betekent leven. Als een dier een mens doodt, moet dat dier zelf ook gedood worden. Als een mens een ander mens doodt, moet die mens zelf ook gedood worden. Dat eis ik.)Dieren die een mens doden moeten met hun eigen leven betalen en mensen die een mens doden moeten met hun eigen leven betalen.  Iedereen die een mens doodt, zal daarvoor met zijn eigen leven moeten betalen. Hij moet worden gedood. Want hij heeft iemand gedood die op Mij lijkt. (Ik heb de mensen zo gemaakt dat ze op mij lijken. Daarom moet iemand die een ander mens doodt, zelf gedood worden.)Zorg dat jullie kinderen krijgen, zodat er heel veel mensen op aarde zullen komen. Want Ik wil dat er heel veel mensen op aarde komen.”

God de mens

God heeft de mens immers geschapen voor de eeuwigheid, als afspiegeling van zijn eigen wezen. (Wijsheid 2:23) Verwijst naar (Genesis 1:26-27)

De Heer heeft de mens uit de aarde geschapen en doet hem naar haar terugkeren. Hij schonk de mensen een afgemeten aantal dagen, maar ook macht over alles wat er op aarde is. Hij heeft hen toegerust met zijn eigen kracht en hen naar zijn eigen beeld gemaakt. Alles wat leeft heeft hij ontzag voor de mens gegeven., opdat deze zou heersen over dieren en vogels. (Sirach 17:1-4)

Toen maakte JHWH, God de mens, de mens. Hij vormde hem uit stof, uit aarde, en blies hem levensadem in de neus. Zo werd de mens een levend wezen.

Blies hem levensadem in de neus-Het leemmodel van de mens wordt tot een levend weze door het inblazen van de ‘adem'(nesjama), die in het Hebreeuws ook vaak wordt gegeven met het woord roeach (‘geest’, ‘wind’, ‘adem’.

Laten wij mensen maken

U hebt hem bijna een god gemaakt, hem gekroond met glans en glorie.(Psalm 8:6)U hebt de mensen veel macht gegeven, ze zijn bijna zo machtig als goden!

U hebt hem bijna een god gemaakt-Het geeft de mens een hoge positie in de schepping.

God zei: Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken; zij moeten heerschappij voeren over de vissen van de zee en de vogels van de hemel, over het vee, over de hele aarde en over alles wat daarop rondkruipt.

Laten wij mensen maken het meervoud ‘wij’verwijst naar een hemelse godenverandering; (Genesis 6:1-4)Er kwamen steeds meer mensen op de aarde.  En de zonen van God  zagen dat de dochters van de mensen erg mooi waren. Ze trouwden met hen, met wie ze maar wilden.  Toen zei de Heer: “Mijn Geest zal niet voor altijd de mensen blijven waarschuwen. Ze zijn sterfelijk en krijgen nog maar 120 jaar.”  Als je dit vers vergelijkt met 1 Petrus 3:20 lijkt dit te betekenen dat God besloot om nog 120 jaar af te wachten of de mensen zouden ophouden met de slechte dingen die ze deden. Daarna was de tijd om en zou zijn straf komen als ze niet veranderd waren.

 In die tijd en ook daarna leefden er reuzen op aarde. Dat waren de kinderen die geboren waren nadat de zonen van God getrouwd waren met de dochters van de mensen. Zij waren de grote, machtige helden uit de vroege tijd.

De aarde bevolken

Na het eten van de boom van de kennis van goed en kwaad dreigt de tweede boom voor allerlei problemen te zorgen. Met het pas verworven inzicht, waartoe onder meer kennis over de seksualiteit behoort, zou het eten van de levensboom de mens ook nog onsterfelijkheid geven. (Genesis 3:22  En de Heer God zei: “De mens is nu net als Wij geworden. Want nu weet hij wat goed en wat kwaad is. Daarom mag hij nu niet meer van de boom van eeuwig leven eten. Want zo mag hij geen eeuwig leven krijgen.”).

Daarmee zou hij wel heel erg op God gaan lijken en zou de aarde ook nog overbevolkt kunnen raken. De verbanning uit de tuin van Eden voorkomt dt en zorgt ervoor dat de mensen invulling kunnen geven aan de opdracht de aarde te bewerken en te bevolken. (Genesis 3:23  Daarom stuurde de Heer God hem weg uit de tuin van Eden. Hij moest de aarde gaan bewerken waaruit hij was ontstaan. )

Adam en Eva

Zo stuurde Hij de mens weg. Aan de oostkant van de tuin van Eden plaatste Hij engelen met een heen en weer flitsend vurig zwaard. Zij bewaakten de toegang tot de boom van eeuwig leven. (Genesis 3:24)

Adam en Eva verbraken hun relatie met God op de volgende manier, zij waren ervan overtuigd dat hun manier beter was dan die van God, zij werden zich van zichzelf bewust en verstopten zich; zij probeerden zichzelf te verontschuldigen en te verdedigen. Om een relatie met God op te bouwen, moeten we deze stappen omkeren; we moeten ons niet verschuilen achter excuses en zelfverdediging; we moeten ophouden ons voor God te verbergen; we moeten ervan overtuigd raken dat Gods weg beter is dan de onze.